Röportaj

 

Laatste nieuws

Een Turkse journalist wordt strafrechtelijk vervolgd vanwege zijn bewering ...

 

Biografieën

Hıkmet werd in 1902 geboren in Thessaloniki in Griekenland. Aan het einde ...

 

Over Röportaj

In Turkije is op het gebied van de media op het eerste gezicht letterlijk v...

Toetreding tot de EU

Article Index
Toetreding tot de EU
Criteria van Kopenhagen
Democratische hervormingen
Vrijheid van meningsuiting
All Pages
Turkije heeft de afgelopen jaren verschillende hervormingen doorgevoerd die toetreding tot de Europese Unie mogelijk moeten maken. Zo is de doodstraf in vredestijd afgeschaft, zijn rechten toegekend aan Koerdische minderheden – zoals het recht Koerdisch te spreken, kwam de politie onder strengere controle te staan en is de wetgeving op het gebied van de vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid aangepast.

Historisch overzicht Turkije en de Europese Unie:

  • 1959: Turkije vraagt het associatielidmaatschap van de EEG aan.
  • 1963: Turkije en de Europese Gemeenschap sluiten een Associatieovereenkomst, waarin staat dat Turkije ‘op den duur’ lid mag worden van de EG.
  • 1974 Turkse invasie van het noorden van Cyprus.
  • 1980 EG schort na een militaire staatsgreep het Associatieverdrag op; dit duurt tot 1988.
  • 1987 Turkije vraagt lidmaatschap EG aan.
  • 1989 EG wijst aanvraag van Turkije af.
  • 1993 EU formuleert de Kopenhagen-criteria voor toelating nieuwe lidstaten.
  • 1996 Douane Unie tussen EU en Turkije treedt in werking.
  • 1999 EU verleent Turkije de status van kandidaat-lid.
  • 2002 EU belooft Turkije eind 2004 de startdatum voor onderhandelingen te geven, die beginnen als Turkije voldoet aan de Kopenhagen-criteria.
  • 2004 In mei treden Cyprus – door Turkije niet erkend – en negen andere landen toe tot de EU.
  • 2004 In december kondigt de EU aan dat onderhandelingen met Turkije op 3 oktober 2005 beginnen.
  • 2005 Op 3 oktober beginnen de onderhandelingen.
    De criteria van Kopenhagen

De criteria van Kopenhagen omvatten een aantal voorwaarden die door de Europese Raad zijn vastgesteld. Hieraan dient een kandidaat-lidstaat te voldoen om in aanmerking te komen voor lidmaatschap van de Europese Unie. Deze eisen zijn in juni 1993 in Kopenhagen vastgesteld. Volgens deze zes criteria moet een kandidaat-lidstaat:

Naast deze juridische, economische en bestuurlijke criteria is toetreding tot de EU vooral een politiek vraagstuk. Toetreding vereist de instemming van alle EU-lidstaten. Volgens het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa kan iedere Europese staat die de in dat verdrag genoemde waarden eerbiedigt lid worden van de EU. Bovendien moet het kandidaat-lid ook administratief en economisch in staat zijn te participeren.

Aan de onderhandelingstafel

De Europese Raad besloot op 17 december 2004 dat de onderhandelingen over de toetreding van Turkije tot de EU op 3 oktober 2005 konden beginnen. Op 29 juli 2005 ondertekende Turkije een nieuw verdrag inzake de Douane Unie met de EU, waarmee het verdrag met de 10 nieuwe lidstaten van de EU (onder andere de Cypriotische Republiek) is uitgebreid. Kofi Annan – toenmalig secretaris-generaal van de Verenigde Naties – legde een voorstel voor dat gericht was op hereniging van het noorden en zuiden van Cyprus, waardoor Cyprus in zijn geheel kon toetreden tot de EU. De Turkse bevolking stemde massaal voor het plan, maar meer dan 70 procent van de Griekse bevolking stemde tegen. Met als resultaat dat alleen Grieks-Cyprus, dat niet door Turkije is erkend, toetrad. De EU besloot hierop de handelsblokkade van Noord-Cyprus op te heffen. De EU bracht dit echter nooit in de praktijk. Daarom weigert Turkije de door haar in 2005 ondertekende verdragsaanvullingen op de Douane Unie ten volle te respecteren.


Democratische hervormingen

Toetreding tot de EU is vooral afhankelijk van het doorvoeren van een aantal belangrijke democratische hervormingen. Op 7 november 2007 bracht de Europese Commissie een voortgangsrapport uit Turkije. De EU constateerde dat op het gebied van economische hervormingen vorderingen zijn gemaakt. Tegelijkertijd tekende ze aan dat Turkije nog steeds weigert schepen en vliegtuigen uit Cyprus toe te laten. Ook heeft de EU kritiek op artikel 301 van het Turkse Wetboek van Strafrecht, dat het beledigen van de ‘Turkse identiteit’ strafbaar stekt. Verder hekelt de EU de invloed van het leger op het regeringsbeleid en worden de rechten van vakbonden, vrouwen en Koerden onvoldoende beschermd. In april 2008 stelde de Eurocommissaris voor de uitbreiding van de EU, Oli Rehn, dat Turkije binnen 10 tot 15 jaar tot de EU kan toetreden, mits het land de noodzakelijke hervormingen doorvoert. Sinds eind 2005 voldoet Turkije officieel aan de politieke criteria voor toetreding. Dit betekent niet dat alle hervormingen op politiek gebied afgerond zijn.

Zo moet Turkije maatregelen treffen tegen mensenrechtenschendingen, met name tegen (religieuze) minderheden, vrouwen en Koerden. Daarnaast komen folteringen voor door politie en leger nog steeds voor. Ook corruptie is een knelpunt in de toetredingsonderhandelingen. Bovendien heeft het Turkse leger veel macht. Eind september 2006 sprak het Europees Parlement zijn bezorgdheid uit over de aanhoudende rol van de strijdkrachten in de Turkse samenleving. De Europese Unie pleit daarom voor een herziening en modernisering van de Grondwet. Deze Grondwet is in 1982 opgesteld tijdens een kortstondig militair regime.


Vrijheid van meningsuiting

Ondanks de vorderingen die Turkije heeft gemaakt, wordt melding gemaakt van beperkingen op de vrijheid van meningsuiting en persvrijheid. Rechten die vooral in gevaar komen door een beroep op artikel 301. Dit wetsartikel verbiedt belediging van de ‘Turkse identiteit’. Er lopen tientallen rechtszaken tegen journalisten, schrijvers en voorvechters van burgerrechten op grond van dit wetsartikel. Schrijver Orhan Pamuk werd in 2005 aangeklaagd vanwege uitspraken over de (niet door Turkije erkende) Armeense genocide in 1915. Begin 2006 zag Turkije onder druk van de EU af van vervolging. Hrant Dink werd in januari 2007 op klaarlichte dag in een drukke straat in Istanbul vermoord. De journalist-uitgever was eerder, in juli 2006, veroordeeld tot 6 maanden gevangenisstraf vanwege een artikel over de massamoorden op Armeniërs. Eurocommissaris Olli Rehn drong aan op een wetswijziging zodat ‘belediging van de Turkse identiteit’ niet meer strafbaar is. De aanslag op Dink maakte wereldwijd veel verontwaardiging los. Na zijn dood demonstreerden in Turkije tienduizenden mensen van alle gezindten voor meer burgerrechten en persvrijheid.

Hervorming artikel 301

In april 2008 diende de Turkse regering een wetsvoorstel in om artikel 301 te hervormen. EU-politici, onder wie Joost Lagendijk – voorzitter van de Interparlementaire Delegatie van het Europees Parlement met Turkije – dringen al lang aan op een wijziging. “Het is het beste artikel 301 in zijn geheel te schrappen, maar dat is niet realistisch.” Zo wijst Lagendijk erop dat de oppositie de wet door het Constitutionele Hof zal laten toetsen in de hoop deze ongedaan te maken. “Gezien het politieke krachtenveld is een beperkte wijziging het hoogst haalbare. Ik verwacht dat, als het aan president Abdullah Gül ligt, er geen aanklachten meer komen. Hopelijk wordt geen ander wetsartikel gevonden om kritische geluiden te smoren. 301 is hét symbool voor de inperking van de vrijheid van meningsuiting in Turkije, maar er zijn veel andere belemmeringen in de Turkse wet.”

Bronnen:

- Toetreding Turkije tot de Europese Unie, Europa NU, http://www.europa-nu.nl

- Turkije breidt vrijheid van meningsuiting uit, 10 april 2008. Uit: Dossier Turkije en EU-lidmaatschap,

GroenLinks, http://oud.groenlinks.nl/europa/dossiers/eu-turkije